AI-blad 57 ‘Nieuwe werkstijlen’

Op 10 november 2011 liet ik beelden zien bij de presenteerde ik mijn boek ‘Nieuwe werkstijlen’ op de jaarlijkse dag van het Telewerkforum. Het is vakliteratuur over Het Nieuwe Werken; een zogenaamd Arbo-Informatieblad. De inhoudsopgave en hoofdstuk 2 – over werk(-stijlen) in ontwikkeling – download u hier (AI-57). Werk wordt complexer, intenser en flexibeler. Online toegang tot alle AI-bladen kunt u desgewenst uitproberen met een proefabonnement van een maand via Arbozone. Mijn vorige publicatie ‘Rendement en risico’s van telewerken’ uit 2006 kunt u hier (VRM_4) (3 MB) ook downloaden.

Het persbericht van de uitgever (Sdu) na 10 november geef ik hieronder integraal weer:   ‘Het boek ‘Nieuwe werkstijlen’, geschreven door ir. Wietske Eveleens, is op 10 november gepresenteerd op het jaarcongres Telewerkforum. Snelle maatschappelijke en technologische ontwikkelingen maken nieuwe werkstijlen tot een actueel onderwerp. Denk aan ‘Het Nieuwe Werken’, flexibel werken en tijd- en plaatsonafhankelijk werken. Dit kan de organisatie veel rendement opleveren, in productiviteit en efficiency, maar er ontstaan ook nieuwe risico’s.

Nieuwe werkstijlen, verschenen als AI-blad 57, geeft een overzicht van de diverse vormen van nieuw werken. Daarbij komen de voor- en nadelen uitgebreid aan bod. De veranderende arbeidsorganisatie en de diverse vormen van ‘Het Nieuwe Werken’ worden beschreven, met veel aandacht voor het herkennen en voorkomen van risico’s. Zowel voor de werknemer als voor de werkgever, die in dit boek een leidraad vindt voor het invullen van de zorgplicht en een handleiding voor de implementatie van nieuwe werkstijlen.

Dit Arbo-Informatieblad geeft inzicht in rendement en risico’s van nieuwe werkstijlen. Dat kan bijdragen aan het bevorderen van veilig, gezond en duurzaam werken.
Praktische tips en oplossingen voor de dagelijkse praktijk van het nieuwe werken maken het boek tot een compleet naslagwerk voor alle betrokkenen. Zowel arbo- en HR-professionals als preventiewerknemers, managers en werkgevers kunnen met Nieuwe werkstijlen rekening houden met de mogelijkheden en de risico’s van het nieuwe werken.

Nieuwe werkstijlen – voor dynamischer en duurzamer werken

Arbo-Informatieblad 57, 1e druk 2011

Auteurs: ir. Wietske Eveleens

Sdu Uitgevers, ISBN 9789012571470,  € 40,90.

Meer informatie en bestellen: Nieuwe werkstijlen (AI-57), 1e editie 2011 ISBN 9789012571470

Toelichting figuur

De cirkels met pijlen links tonen schematisch productie door maakbedrijven. Denk aan de industriële economie. De cirkels rechts laten schematisch denkwerk zien in de kennis, creatieve en dienstverlenende economie. De kleuren symboliseren de verschillende organisatieniveaus: Paars is het niveau van de samenleving inclusief klanten en omgeving. Blauw staat voor het niveau van organisatie, bedrijf of onderneming. Groen is het niveau van groepen, afdelingen en teams. Oranje staat voor het niveau van individuen, personen met een eigen functie of ruimte voor een autonome invulling van het werk. Het kan gaan om werknemers of zelfstandigen.

Industriële productie – plaatje links – is in de basis statisch van karakter. Productie is gecentraliseerd rond de fabriek. Mensen gaan naar het werk. Aanvoer van materiaal (input) en afvoer van producten (output) is belangrijk. Logistiek en vrachtvervoer zijn essentieel. Wonen bij de fabriek is in de loop van de tijd vervangen door automobiliteit naar en van kantoor. Productiviteitsverhoging is te bereiken met het opdelen van het werk in deeltaken, die allen zo efficiënt mogelijk worden gedaan (Taylorisme). Dit type bedrijf wordt vooral top down aangestuurd. Organisatieniveaus – individu, groepen, organisatie en samenleving – zijn gefixeerd ten opzichte van elkaar.

Kennisintensieve waardecreatie – plaatje rechts- is van zichzelf dynamisch van karakter. ‘Productie’ vindt altijd en overal plaats. Het werk beweegt mee met de mensen. Grenzen tussen organisatie en omgeving vervagen. Logistiek en transport zijn minder belangrijk. Mensen zijn waar (en wie) ze willen zijn. Zij kunnen werk zelfstandig doen, samenwerken en werken binnen de context van een (netwerk-)organisatie.  Organisatieniveaus hebben een zekere eigen dynamiek; rollen, taken, verantwoordelijkheden, regelruimte en bevoegdheden en thema’s verschillen. Organisatieniveaus kunnen beweeglijk zijn ten opzichte van elkaar.

De overgang van het linker naar het rechterplaatje is een trendbreuk in vele opzichten. De focus verschuift van de productiemiddelen – de fabriek – naar aandacht voor mensen en waar (en wie) ze (willen) zijn. Mensen – werknemers en zelfstandigen – gaan bepalen waar ‘productie’ daadwerkelijk plaatsvindt en hoe. Om rendement en bedrijfszekerheid van organisaties te verhogen moet vooral daar tijd, geld en energie naartoe. Kantoren faciliteren slechts decentraal werken. Bijvoorbeeld met plekken voor ontmoeting, samenwerking en presentaties voor klanten. In de periferie – decentraal – gebeurt het echte werk, de uitvoering en realisatie van oplossingen!

Lean en Mean 2011

Een actueel thema voor facility managers. Alles moet goedkoper. De laatste nieuwsbrief  van FMM – Facility Management Magazine – laat zelfs zien dat de huidige werkplek zo’n 8 % minder kost dan die van vorig jaar. Het is mogelijk dit thema te benaderen via de bekende weg: Hoe doen we wat we doen nog efficiënter? Of via een andere insteek: Hoe doen we wat we beogen èn effectiever èn tegelijk goedkoper?

Zelf mocht ik een verhaal vertellen op het congres Lean en Mean 2011 in de Expo in Houten op 26 mei. Hoe concreter hoe beter. Ik koos voor de tweede insteek, met als titel; ‘Licht bepakt en dynamisch’. Het gaat er niet meer zozeer om zelf veel spullen- of faciliteiten, zoals gebouwen en inrichting – te hebben. Het is belangrijker, dat goede werkplekken tot onze beschikking zijn, zodat we overal en altijd goed kunnen werken. De facility manager kan medewerkers gaan coachen, bij het verkrijgen van toegang tot de juiste faciliteiten. Aan welke eisen moet de werkplek voldoen? Welke plek is geschikt om te werken? Waarom? Wanneer, bij welke taak? Welke partij is betrouwbaar en bij wie moet ik zijn? Is budget beschikbaar? Onder welke voorwaarden? Zo’n meer inhoudelijke rol voor facility managers – als kennisleverancier – kan zowel geld als rendement opleveren. Investeringen in eigen spullen en onderhoud nemen af, de productiviteit kan tegelijk toenemen. Dat is pas Lean en Mean werken, zou ik zeggen.

De twee sprekers voor mij hadden echter een verhaal over nieuwbouw. In de zaal zaten zo’n 50 mensen. Toen ik aan de beurt was bleven er minder dan tien over. De vorige sprekers waren uit de tijd gelopen. Toen ik na een voorstelrondje vroeg of er vragen waren, bleek dat Maurice de Hondt als keynote-spreker elders bijna zou gaan spreken. Na het uitdelen van mijn visitekaartje met een aanbod graag persoonlijk mee te denken, heb ik mijn presentatie afgerond voordat ik goed en wel was begonnen. Het loopt wel eens anders dan je verwacht. Het leek mij het beste er dynamisch op in te spelen.

Deze congresdag rondde ik af met een paar goede gesprekken op een rustige beurs.

Diner pensant

Denkend dineren leek me in eerste instantie een minder goed idee; mijn bloed kan immers niet goed tegelijk meer naar maag èn hersens stromen. Toch is de uitnodiging van het bestuur van de bedrijvencentra Vondelparc en Hooghiemstra gisteravond goed bevallen. Het was een aangenaam en zinvol samenzijn in Restaurant Wilhelminapark met vijftien disgenoten uit de wereld van vastgoed, besturen en recht. De voorzitter Eric Rijnders opende de bijeenkomst en borgde de toelichtingen op onze heerlijke maaltijd. Oedzge Atzema, hoogleraar aan de UU, leidde ons soepel via het klimaat naar het dagelijks weer van oplossingen voor ondernemen. Geven stond centraler dan nemen in een boeiende uitwisseling over ‘Faciliteren van Utrechts ondernemerschap’.

In drie ronden deelden wij onze ervaringen en kennis en kwamen tot enkele denkrichtingen en aanzetten voor concrete voorstellen. Werk verandert snel ingrijpend. Vierkante meters verhuren past bij de industriële economie en manier van denken. De kennis en creatieve economie – van vooral zelfstandige professionals – is te vinden waar zij willen zijn en werken. Dat is vaker in de wijk en op knooppunten van ontmoeting en kennisoverdracht. Zij hebben behoefte aan nieuwe hoogwaardige oplossingen. Het meest concrete idee van de avond was misschien wel vastgoed voortaan “gratis” aanbieden. Verder werden nieuwe diensten en events gesuggereerd voor (ook internationale) uitwisseling van ervaringen en ontwikkeling van kennis. Heeft u ook een wens of een idee? U kunt reageren op deze blog. Desgewenst geef ik uw reactie graag persoonlijk door. Of u zoekt zelf rechtstreeks contact met de manager van deze bedrijvencentra, Paul Barendregt.

Web conference (in English)

In April I was absent in a meeting of an international ISO-working group in Hamburg. Since 1990 I represent the Netherlands – as an expert in human-centered design for the Dutch Standardization Institute – in an ISO-working group on ergonomic design principles (with code ISO/TC159/SC1/WG1 for the insiders). This time virtual communication over voice over IP was introduced. During one afternoon the group would communicate virtually. I downloaded the tool: Microsoft Office Live Meeting service, installed it. The test showed its proper functioning.

Joining the web meeting was an interesting experience. Eight colleagues were together in Hamburg, two in different places in the UK and I was in the Netherlands. The exchange was nice and useful, but not without problems. One expert in the UK had to reconnect every minute, probably because of an automatic safety rule in his computer. Parts of the discussion were not well audible due to the distance of eight people to only one microphone. And unexpectedly we all listened to a clear song, which appeared to be the mobile phone of an UK colleague. We all had fun and laughed. This was a valuable experiment.

After the meeting I did realize myself, that I had been able to follow the discussion because I know all the group members personally. We had no video connection. To recognize voices – knowing who was talking – makes a difference in understanding the discussion.

Identiteit, status en trots

Net weer lekker gekenniswerkt. Dit keer niet buiten in de zon maar binnen bij een gezellig vlammende houtkachel in een tuinhuis. Dat heb je met fris voorjaarsweer. De interactie was weer creatief en verhelderend. Ik ben blij. Met de drie woorden in de titel kwam ik fietsend thuis. Wat vinden mensen belangrijk? Waar gaan ze/we voor?

Voor mij is het vreemd, dat mensen grotendeels hetzelfde willen. Massa’s mensen verhuizen in de zomer naar de zon. Veel mensen kopen een flatscreen TV en een auto. Dat geeft status. Je doet mee en kunt je zo identificeren met wat je hebt. Het leven is ondertussen wel druk. De Engelse uitdrukking ‘Keeping up with the Jones’ geeft prachtig weer waar het over gaat. Als je maar (minstens) even veel hebt als de buren.

Onze ecologische voetafdruk moet een factor 4 kleiner. Anders overleven we niet of zijn volgende generaties ongelukkiger dan wij. Hoe behouden we onze cultuur voor onze kinderen? Hoe blijven we trots op wie we zijn? Als Nederlanders? Als professional? Als ouder? Als individu? Wie zijn we echt? Ons gedrag moet veranderen. We hebben inmiddels genoeg. Nu gaan we ontdekken wie we echt zijn.

Medewerkers van organisaties zien inmiddels het licht. Vrij kunnen zijn – in waar en wanneer zij werken – vinden zij belangrijker dan een eigen werkplek op kantoor.

Ondernemen-vanuit-huis

De site www.mkbservicepoint.nl verkondigt sinds 2005, dat ondernemen-vanuit-huis een werkstijl met toekomst is. Deze site is recent vernieuwd en aangepast. De site was al voor zelfstandigen. Zij richt zich nu ook op de (semi) overheid. Het kennisplatform ‘ondernemen-vanuit-huis’ maakt bezoekers bewust van mogelijkheden. Zij zet aan tot bewustwording, verandering van gedrag en duurzame keuzes.

Zelfstandigen ontdekken hoe zij slimmer kunnen werken vanuit huis. Wat zijn mijn wensen? Hoe geef ik die vorm met collega’s dichtbij? De overheid ontdekt de behoeften van zelfstandigen. Hoe kan zij ondernemerschap en zelfstandigheid bevorderen? Hoe faciliteert zij met structurele oplossingen?

Er is nog veel te doen. Vanmorgen – 13 april 2011 – stond in de NRC Next een artikel dat Nederlanders steeds afhankelijker worden van hun auto. Hans Jeekel promoveert daarop. Voor mij is dit verbazingwekkend. Het klimaat verandert. De meesten van ons veranderen kennelijk niet. Onze twee auto’s deden we in 2007 van de hand. Ik blijk goed zonder te kunnen. Ik woon op fietsafstand van het station. Maak gebruik van www.OV-fiets.nl. Boek soms een auto via www.greenwheels.nl. De lucht hier in Utrecht-West is vies. Buiten de stad hoest mijn lief niet. Mijn huis is gauw stoffig. Dat komt door al die auto’s die om en door Utrecht zoeven.

Structurele duurzame oplossingen zijn nodig voor tal van problemen. Het kan anders: onderneem vanuit huis.

Kenniswerk doen

werk buitenGrote organisaties doen steeds meer kenniswerk. Projectgroepen ontwikkelen nieuwe oplossingen. Zij doen onderzoek naar trends en ontwikkelingen. Klanten willen ondertussen sneller resultaat. Er is meer concurrentie. Wat doe je dan, als organisatie? Veel managers willen dat werk sneller wordt gedaan of tegen lagere kosten. Het Nieuwe werken wordt ingevoerd om er dure vierkante meters mee te besparen. Werkt dat echt?

Het veelvuldig hanteren van de kaasschaaf heeft consequenties. Mensen zijn flexibel. Op een gegeven moment is toch de rek eruit. Efficiënt werken in een flexkantoor … De manier van werken gaat ook op de schop. Geen aansturing meer op aanwezigheid, maar op resultaat. Medewerkers willen een betere balans tussen werk en privé. Zij willen kunnen werken waar ze (willen) zijn. Een jarenlange focus op efficiency in organisaties slaat om naar een inhaalslag in effectiviteit. Het moet en kan anders en slimmer.

Want hoe doe je kenniswerk slim? Kennis en creatieve ideeën ontstaan vooral als je niets doet. Kenniswerk wordt productiever met een slimme werkstijl. De technologie maakt werken mogelijk waar je bent. Werkende mensen bewegen naar plekken waar ze willen zijn. Dat kan thuis zijn in de eigen omgeving. De grens tussen werk en privé vervaagt. Zij vergaderen tijdens een wandeling of overleggen op een terras van een tuinhuis.

In 2010

Veel geluk in 2011!

  • Willen veel organisaties en professionals ‘Het Nieuwe Werken’. Dat biedt kansen voor samen ontwikkelen van werkoplossingen op menselijke maat.
  • Schrijf ik een nieuw Arbo-informatieblad over flexibel werken. Het plan is dat de publicatie in 2011 zal uitkomen.
  • Wordt de basisnorm ISO 6385: 2004 over ontwerpen van werksystemen internationaal zo gewaardeerd, dat (voorlopig) van revisie wordt afgezien. De nieuwe ISO/DIS 26800 – over ergonomische concepten en principes – vordert gestaag.
  • Gaat de ontwikkeling van lokale netwerken van zelfstandigen gestaag door.
  • Verander de naam EVELEENS changing workstyle na 10 jaar in EVELEENS workstyles; een  korte en krachtige naam.

Op 4 Maart gaf ik een workshop voor zo’n vijftien vertrouwde collega’s van de vereniging Register-ergonomen Nederland over de nieuwe top level norm ISO/DIS 26800. Terugkoppeling is besproken op de internationale vergadering in Mainz in juni.
De workshop over Het Nieuwe Werken op 22 Juni staat al beschreven in een blog.  In november heb ik een auteursbijeenkomst van Arbozone van Sdu inhoudelijk gecoördineerd en voorgezeten. Ik ben vooral druk geweest met onderzoek en schrijven. Verder heb ik genetwerkt, bijeenkomsten bezocht, aan zelfstudie gedaan, mijn bedrijf en websites ontwikkeld. Ik bezocht een boeiende bijeenkomst over ‘Langer doorwerken’ bij TNO. De bijeenkomst Utrecht 2040 van provincie Utrecht vond ik ook heel inspirerend.

Omdat ik me (voorlopig?) niet laat herregistreren als Europees ergonoom staat vanaf 2011 de titel Eur.Erg. niet meer achter mijn naam. Met dank aan het bestuur van de vereniging Register ergonomen Nederland blijf ik twee jaar geassocieerd lid. Bovendien blijf ik als  ergonoom ook lid van de Vereniging voor Ergonomie. Werkstijlen en ‘Het Nieuwe Werken’ worden in de markt nog weinig geassocieerd met ergonomisch ontwerpen. Mogelijk kan dat gaan veranderen. Met ingang van vanaf 2011 participeer ik in de Stichting Telewerkforum – een kennisnetwerk – om visies, kennis en ervaringen te delen.

Ik heb zin in 2011. Lekker samen ontwerpen; kennis en kracht ontwikkelen, ideeën uitwerken en leren in het werk. Wellicht tot gauw. Wietske Eveleens

Voor de Volkskrant

Vorige week donderdag ben ik telefonisch geïnterviewd door Grace Wermenbol. Haar artikel staat sinds 5 juli op de site van de Volkskrant en heet ‘Het nieuwe werken vraagt om een mentaliteitsverandering’. Ze interviewde uiteenlopende professionals en collega’s over Het Nieuwe Werken.

Naar aanleiding van het interview met mij schrijft ze:

Bij het maken van de omslag naar het nieuwe werken komt veel kijken. Goede communicatie is daarbij essentieel. ‘Dit kan letterlijk een groepsgesprek zijn waarbij iedereen de kans heeft zijn of haar problemen en vragen aan bod te laten komen’, zegt Wietske Eveleens, zelfstandig organisatieadviseur. Cursussen en workshops kunnen helpen bij het op de juiste manier instellen van flexplekken om zo een gezonde werkplek te creëren. Maar ook bij het aanleren van een nieuwe manier van leidinggeven. Eveleens: ‘Leidinggevenden moeten leren op basis van vertrouwen te werken met hun ondergeschikten. Zij hebben immers niet meer dezelfde controle als wanneer hun werknemers dagelijks fysiek op kantoor aanwezig zijn.’

Het hele artikel is te vinden via: http://www.vkbanen.nl/actueel/764459/Het-nieuwe-werken-vraagt-om-een-mentaliteitsverandering.html