Een brede blik op werk

Fokke-en-Sukke-lezen-het-fnvonderzoek-081013(4120)Het begrip ‘werk’ klinkt kort en krachtig. Maar in de praktijk van alledag heeft dit woord vrij veel betekenissen. Gaat het om banen? Ondernemerschap? Meedoen in de samenleving? Financiële zekerheid? Routinematig werk verdwijnt steeds meer. Er komt meer dienstverlenend, creatief en kenniswerk. Wat zijn consequenties van die veranderingen? In deze blog verkennen we het thema werk met meetups tot nieuwe ontwikkelingen. Lees verder Een brede blik op werk

Kansen benutten in 2016!

stock-photo-50642702-this-trafic-light-is-making-lateOp 12 december 2015 is een klimaatverdrag gesloten in Parijs. Wereldwijd moet de uitstoot van broeigassen omlaag om de opwarming van de aarde een halt toe te roepen. Is dat relevant voor het MKB? Ja, natuurlijk!

Uitdaging  Er zijn kansen voor nieuwe bedrijvigheid; Van energiezuinige oplossingen tot opwekking en opslag van groene stroom. Intelligente producten, systemen en diensten voor gedragsverandering. Verouderde manieren van werken versneld vernieuwen. Het Nieuwe Werken en flexibel werken verder ontwikkelen met aandacht voor mensen en veranderingen in het werk. Kennisintensief, creatief of dienstverlenend kan slimmer en beter.

De term ‘vlinderrevolutie’ hoorde ik voor het eerst op Radio 1 in november 2014. stock-photo-52702122-he-enjoys-cycling-to-work Het ging over geweldloze omwentelingen; De fluwelen revolutie in 1989 in Tsjecho-Slowakije, de hoopvolle Arabische lente van enkele jaren geleden, de aanhang van Aung San Suu Kyi in Birma. Is er iets van te leren? Een visie en wenkend perspectief kan mensen inspireren om in beweging te komen, zonder dat dit van buitenaf wordt opgelegd.

Idee  Een metamorfose is een transformatie zonder strijd, bloed vergieten of geweld. De grauwe en moeizaam kruipende rups kapselt zichzelf in. In alle rust vindt – in een aantal weken – de transformatie plaats. Dan is de rups veranderd in een kleurige vlinder. Klaar om uit te vliegen? Nee, nog niet. Eerst moet de vlinder nog de spieren van zijn vleugels ontwikkelen. Dat doet de vlinder door zichzelf los te wringen uit de pop.

Voorbeeld  Dat lastige loswringen, daar gebeurt het. Een leefstijl veranderen van  ‘rupsjes nooit genoeg’ naar ‘vrolijke vrije vlinders’. Daar zijn spierballen voor nodig. De liefde voor mooie dure auto ’s vervangen voor genieten van meer buiten zijn en bewegen op de fiets. Het gebeurt!

Actie  Neem de ruimte voor lekker dromen over 2016; onder de douche, onderweg of in de pauze tussendoor. Waar verlang je naar? Wat heb je nodig? In de eigen functie, het bedrijf, voor klanten of thuis privé. Schrijf losse woorden op – bijvoorbeeld in de agenda- en laat het rijpen. Kijk er over een paar weken weer naar en je bent verrast over de waarde van die losse flarden.

Slimme werksystemen

Slimmer werken is noodzakelijk voor bedrijven en organisaties die anno 2016 willen overleven en groeien. Afhankelijk van het werk, de mensen en de omgeving krijgt slimmer werken op zeer uiteenlopende wijzen vorm en invulling. Het is een ware kunst om iets te doen wat zowel onderscheidend is en ook waarde toevoegt. Hoe help je je klant? En wat doe je dan? Daarvoor is geen standaardrecept te geven. Wel is er een internationale norm over het ontwerpen van werk. Daarover meer.

Norm over werksystemen  De tweede revisie van de internationale ergonomische basisnorm over werk uit 1981 van ISO (International Standard Organisation, zie www.iso.org) is bijna klaar. NEN in Delft publiceerde in 2014 op haar site www.nen.nl de ISO/DIS 6385:2014(E) met de titel ‘Ergonomic design of work systems. In de negentiger jaren werd deze norm nog genoemd in de Arbeidsomstandighedenwet als basis voor het concretiseren van het begrip ‘stand van de ergonomie’. De norm is bij NEN te bestellen via de link.

Voor slimmer werken en voor Het Nieuwe Werken is de tweede herziening van deze internationale norm uit 1981 eigenlijk uiterst actueel. Het is gewoon geworden dat veel mensen altijd en overal werken. Problemen, zoals werkdruk, stress en burn-out, nemen toe. Toch staat de beroepspraktijk van verantwoord werken buiten de kantooromgeving nog in de kinderschoenen. Deze norm biedt handvatten voor een structurele, integrale en duurzame aanpak van complexe vraagstukken. De norm kan worden gebruikt als richtlijn, als checklist en bij het op maat ontwikkelen van (nieuwe) werkoplossingen.

Leidinggevenden, specialisten en medewerkers kunnen werkproblemen samen integraal aanpakken met behulp deze norm. Door die te gebruiken als richtlijn en checklist is het mogelijk om bestaande en nieuwe werksituaties beter vorm te geven, borgen en verbeteren. Volgens de definitie vervult een werksysteem een bepaalde taak. Een werksysteem bestaat uit een combinaties van mensen en middelen binnen een bepaalde context. De norm geeft richting aan het ontwerpen van integrale concepten en vervolgens aan de uitwerking van werkorganisatie, werktaken, banen (jobs), werkomgeving, gereedschap en interfaces, werkruimte en werkplek. De norm biedt richtlijnen, voorwaarden en eisen bij het realiseren van duurzame mensgerichte werkoplossingen.

Over deze Draft International Standard (DIS) wordt gestemd door de zogenaamde ‘P-members’ (oftwel paying of betalende leden/landen). Nederland hoort daar sinds een jaar helaas niet meer bij. In de zomer van 2013 trok het NEN zich terug uit de ontwikkeling van internationale basisnormen op het gebied van ergonomie. Na decennia van actieve deelname is Nederland geen lid meer van commissie ISO/TC159. Wietske Eveleens – 24 jaar Nederlands expert ergonomisch ontwerpen in de werkgroep van deze commissie – woonde in januari haar laatste ISO-vergadering bij in Berlijn. In 2004 kwam de eerste revisie van ISO 6385 uit onder haar voorzitterschap van deze werkgroep en ze werkte ook aan de nieuwe basisnorm ISO 26800 ‘Ergonomic principles and concepts’, die uitkwam in 2011.

Meer info op www.iso.org.

Gezond presteren

‘Hoe kan het?’ vraag ik me af, net zoals veel anderen. Oranje speelt goed op het WK in Brazilië, naar mijn indruk beter dan voorheen. Arjan Robben was van glas en lijkt nu van staal. Wat is er gebeurd? Wilt u meer leren over gezonder presteren?

De carrière van de Groninger Arjen Robben tekende zich – volgens het NRC – door blessureleed en cruciale missers in belangrijke wedstrijden in 2010 en 2012. Belangrijk voor Robben was samenwerking met een osteopaat, sinds 2008. Westhovens vindt dat het belangrijkste wat hij hem geleerd heeft is meer lichaamsbewust te zijn, preventief te handelen en tijdig te registeren als er iets dreigt mis te gaan in zijn spieren. Zo zijn blessures te voorkomen. Robben zelf heeft nu meer vertrouwen in zijn lijf. Hij zorgt dat alles – zoals bekken, rug en enkels – vrij beweegt en niet vastloopt. Want als je blokkades hebt ga je compenseren en dan ga je je spieren verkeerd belasten.

Net als Arjen Robben ben ik zelf ook tegen grenzen aangelopen, maar dan op een heel andere manier. Een behandeling van de Ziekte van Lyme – die ik al zes jaar bleek te hebben – in het ziekenhuis met antibiotica duurde slechts anderhalve week. Daarna voelde ik me jaren slechter dan voor de kuur. Ik wilde me weer beter voelen en ging lezen over voeding en experimenteren met wat ik tot me nam. Ik dronk jarenlang geen koffie en alcohol meer en leefde bewuster en gezonder. Tot mijn verrassing verbeterde mijn aangetaste gezichtsscherpte aanmerkelijk en kwam mijn energie langzaam terug. ‘Je wordt nog helderziend’, zei de dokter. Er kan veel als een mens echt wil.

Bedrijven ontdekken het belang van gezonde medewerkers voor betere bedrijfsprestaties. Dus stimuleren managers medewerkers om gezonder te leven met meer fruit, bewegen en sporten. Niks mis mee zou je wellicht denken. Toch is deze handelwijze niet zonder gevaar. De bedrijfsleiding kan in de verleiding komen om van medewerkers continu topprestaties te gaan verwachten. Arjen Robben leert ons dat dat niet werkt. Full prof zijn betekent niet dat je zeven dagen per week 120 procent geeft, zoals hij vroeger deed. Arjen heeft geleerd om twee keer per week alles te geven: tijdens de wedstrijd en een keer op de training, om de boel te testen.

Wat kunnen bedrijven van Oranje en Arjen leren? Put mensen niet uit, laat hen presteren op het moment dat het erop aan komt. Maar dat botst helaas met de huidige dominante cultuur in organisaties, waarbij mensen vooral worden gezien als bedrijfsmiddelen, net als ICT-oplossingen en huisvesting. Momenteel verdwijnen veel banen door automatisering, omdat machines veel werk beter zouden kunnen doen. Voor mensenwerk is minder aandacht.

Laten we eens een gedachte-experiment doen. Denk je eens een voetbalspel in met alleen robots op het veld. Robots in het veld leveren misschien meer doelpunten op. Maar dan ontbreekt het op het veld aan de unieke creativiteit en behendigheid van de spelers en het samenspel en de tactiek van het team. Wie komt er dan nog naar het stadion voor het zien van de wedstrijd? Wat zijn de uitzendrechten op TV dan nog waard? Als niemand naar de wedstrijd komt kijken schiet je als bedrijf met automatisering toch je doel voorbij.

Zo’n WK lijkt mij een mooie aanleiding voor bedrijven om zich te laten inspireren door het Nederlands voetbal. Het is een goed moment om mensenwerk weer meer te gaan waarderen. Welke taken passen beter bij mensen en welke bij machines? Daarover is veel bekend. Wijs met een zogenaamde taakallocatie taken bewust toe aan mensen of machines voor beter resultaat. Zo komen kwaliteiten van mensen – ten opzichte van machines – in bedrijven en organisaties beter tot hun recht. Laat als leidinggevende de menselijke kwaliteiten in het veld schitteren!

Gezonder presteren is mogelijk als mensen weer de regie krijgen over hun lijf en leven. Garanties zijn er niet. Maar als managers hun mensen meer vertrouwen en steunen, dan blijkt bijna alles mogelijk. Dan presteert ieder mens en iedere ploeg het beste op zijn eigen manier.

Voorop lopen, volgen of achter lopen

Vele eersten zullen de laatsten zijn en vele laatsten de eersten. Met dit spreekwoord duiden we aan dat een persoon voordringt of dat een achtergestelde of lager geplaatste toch hogerop kan komen. Deze zin plaatst ons ook in de tijd. Zij we vernieuwers? Of lopen we achter ontwikkelingen aan? Maar wat vandaag nieuw is kan morgen al achterhaald zijn. Hoe gaan we trouwens überhaupt om met tijd? In deze verwarrende tijd zoeken we naar nieuwe ankers. Lees meer over hoe dat kan.

Actieven op social media zien we als voorlopers. Het is normaal geworden dat we druk zijn met het bijhouden van Twitter, Facebook en blogs. Zo blijven we in contact en betrokken bij elkaar.

Natuurlijk wil ook ikzelf aangehaakt en zichtbaar blijven. Deze column schrijven dwingt me om weer mijn zegje te doen. Maar als ik dan iets schrijf, wil ik wel graag ook iets zinvols zeggen. Dan stop ik er tijd in om tot een tekst te komen waar ik achter kan staan. Het is toch altijd weer spannend hoe mensen erop reageren. Tegelijk voel ik ook, dat ik het wel even iets rustiger aan wil doen. Ik vind het fijn dat er binnenkort ook andere columnisten bij komen.

Gisteren keek ik naar Tegenlicht. Mediatheoreticus Douglas Rushkoff constateert, dat het veelvuldig aanwezig zijn op internet ons kan beroven van echt mens zijn. We zijn druk met het uitwisselen over het nu, maar beleven het hier en nu steeds minder. Hij pleit voor een herovering van het nu. Social media verleiden mensen bijvoorbeeld tot activiteiten waar grote bedrijven belang bij hebben. Hij pleit ervoor om ze regelmatig echt uit te zetten, zodat we de regie terug krijgen over ons eigen leven. Er zouden al speciale apps zijn, die je helpen om onvindbaar te zijn tijdens bijvoorbeeld pootje baden.

Velen zitten in een spagaat tussen geleefd worden en zelf leven. Verleidingen en sociale druk zijn er ook op het internet. Blijf je achter, als je je status vandaag nog niet vernieuwd hebt? Misschien laten we ons teveel leiden door belangen van anderen, die de onze helemaal niet zijn.

Zelf probeer ik kritisch te zijn in waar ik mijn tijd insteek. Ik maak graag mijn eigen keuzes en bepaal liever zelf mijn koers. Dat valt echter niet altijd mee nu er zoveel gebeurt, dat me raakt en ik soms maar moeilijk kan begrijpen. Denk bijvoorbeeld aan de werktijd van Arthur Gotlieb, een senior medewerker bij de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa). Zelfmoord gepleegd van de stress en tegenwerking in zijn werk! Hij is gemangeld tussen scorende managers; en dat bij een Zorgautoriteit!

Kennelijk zijn wij allemaal niet kritisch genoeg, denk ik dan bij mijzelf. Steeds meer zaken komen in een ander daglicht te staan. Omgaan met ‘zorg voor mensen’ alsof je machines aanstuurt klinkt voor mij onlogisch. Dat hadden we collectief toch eerder kunnen zien, dat het niet zo werkt?

Tips Ga terug naar je basis: het hier en nu en eigen normen en waarden. Neem dus vooral de regie over je eigen tijd en keuzes. Wat is belangrijk voor jou? Geef daar tijd en aandacht aan. Maak het hier en nu groter. Geniet ervan! Misschien ben je nu een van de laatsten, maar zul je straks een voorloper zijn.

Nieuw denken op menselijke maat

Problemen zijn niet op te lossen met denkwijzen die ze hebben veroorzaakt, zei Albert Einstein al. Het enthousiasme voor het Nieuw Werken ebt een beetje weg, draagvlak brokkelt af en weerstand neemt toe. Bedrijven voeren HNW vaker in om te bezuinigen. Mensen willen meer regie over hun werk en leven. Hoe verder?

Anders gaan denken maakt duurzamer werken mogelijk met gezonder productiviteit. Denkwijzen van de afgelopen eeuw zijn alom in organisaties aanwezig. Mensen schikken zich naar taakgerichte productiesystemen met een hogere bezettingsgraad. Die vragen meer flexibiliteit van mensen; overschakelen naar een andere soort taak betekent verhuizen naar een andere faciliteit. Spullen een uurtje laten liggen op je flexplek is er niet meer bij met het cleandeskprincipe. Waar is de menselijke maat in het werk gebleven?

Het werk dat mensen doen is niet of moeilijk te automatiseren. Die taken vragen sociale vaardigheden in de omgang met klanten. Of we hebben speciale vakkennis nodig voor het stellen van een goede diagnose bij een patiënt. Het meer routinematige werk wordt de komende jaren verder geautomatiseerd. Wat overblijft zijn de complexer en intensiever taken, waarvoor vaak meer creativiteit en kennis nodig. Ook wordt samenwerken belangrijker; samen kun je meer dan alleen.

Inmiddels komt het vaker voor, dat groepstaken ook echt door een groep worden ingevuld, bijvoorbeeld bij Buurtzorg Nederland. Iedereen doet er het uitvoerende werk. De een is beter in de public relations, de ander in het maken van een planning, enzovoort. Daar komt geen manager meer aan te pas.

Maar in de meeste organisaties en bedrijven zijn taken nog opgedeeld. Thuiszorgmedewerkers moeten binnen een vastgestelde tijd kousen uitdoen en aantrekken. Deze denkwijze uit het verleden – van de afgelopen honderd jaar – staat ons nu steeds vaker in de weg. Taakverrijking werkt vaak beter bij complexer taken, waarvoor vakmanschap nodig is. Maar zo’n omslag is ingrijpend in de structuur van een organisatie, in de cultuur en dus ook in de denkwijze.

De bestaande scheiding van het aansturen van processen en het uitvoeren van taken mag weer gaan verdwijnen. Omgaan met complexer vraagstukken vraagt een andere organisatie van het werk. Vorm en inhoud in taken blijven scheiden ontkent de toegevoegde waarde van het vakmanschap van mensen en van samenwerking in een team.

Vragen. Hoe denkt u eigenlijk? Kijk eens naar uw eigen rollen en taken. Hoe staat het met de scheiding van inhoud en proces? Wie beslist over wat? Wie zijn uw collega’s? Wat zijn functie en doel van de groep?

Tijd- en plaatsonafhankelijk werken is nog maar het begin van Het Nieuwe Werken. Het is tijd voor een heroverweging van vanzelfsprekendheden, van de onderliggende denkwijze in organisaties en bedrijven.

Met nieuw denken ontstaat ‘Nieuw werken op menselijke maat’. Deze zomer komt daarover mijn boek uit bij Sdu Uitgevers. Daarover later meer. Zo krijgen mensen weer de regie!

Even pauzeren

Bij harder werken wordt pauzeren belangrijker. De huidige transitie naar anders werken vraagt veel van mensen. We werken niet meer alleen met de handen, maar gebruiken ook meer het hoofd. Met beter ontspannen tussendoor blijven we beter functioneren. De boog kan niet altijd gespannen zijn. Wil jij minder werkdruk en meer plezier ervaren in je werk? Lees dan hoe je slimmer pauzeert.

De werkdruk neemt toe. Het dagelijkse werk zelf is intensiever door veranderingen op de werkvloer. Tegelijk moeten we meer doen in minder tijd. ‘Problemen zijn niet op te lossen met de denkwijze die het heeft veroorzaakt’, zei Albert Einstein al. Om werkdruk te verminderen is het nodig anders te gaan denken en doen. ‘We worden een lerende economie’, riepen zelfs politici afgelopen week in Nieuwsuur. Er is inmiddels maatschappelijk draagvlak voor dat idee.

Maar werken op de automatische piloot – zonder nadenken – verdwijnt niet zomaar. Mijn man kocht een product bij een supermarkt, dat duidelijk te laag was geprijsd. Hij wees erop bij de kassa en eenmalig voerden ze een prijscorrectie door. Hij betaalde veel te weinig. Een paar maanden later haalde hij een nieuwe voorraad en toen nog eens. Er was niets veranderd. Een ezel stoot zich in het gemeen … Was dit probleem te voorkomen? Natuurlijk! Niet met een dure cursus, maar wel met alerter werken. Dan valt je toch iets op en overleg je toch met een collega?

Mensen om me heen zie ik in onhandige patronen zitten. Ze blijven bijvoorbeeld de auto pakken, ook als je ergens handiger komt met het openbaar vervoer. In bedrijven blijven mensen alleen doormodderen, als iemand anders je zo verder kunt helpen. Mensen benutten vergaderingen onvoldoende om hun problemen op te lossen. Gisteren vertelde een manager mij over het zogenaamd ‘knijp of piep systeem’; managers voeren productienormen op totdat mensen gaan piepen. Maar mensen mensen die harder werken met hun handen, zullen minder betrokken, oplettend en nadenkend zijn, lijkt mij zo. ‘Wil je als manager domme fouten en overbelaste mensen of liever duurzame winst en tevreden personeel?’, denk ik dan.

Doorwerken tot je uitgeput bent – met burn-out tot gevolg – is geen optie in een dienstverlenende kenniseconomie. Het kan anders, als je wilt. Al werkend kun je, net als rijdend op de fiets, van richting veranderen. Zo blijf je fit en voldoe je aan groeiende eisen. Regelmatig even afstand nemen en nadenken in het werk wordt belangrijker, voor iedereen. Dat kan op veel manieren.

Tips. Ga eens na hoe je omgaat met je pauzes. Schieten ze erbij in? Wat voor ontspanning heb je eigenlijk nodig? Hoe vaak doe je het en hoe lang? Pauzeren kun je automatiseren of uitbesteden. Zo heb ik mijn pauzemanagement – achter de pc – geautomatiseerd met het gratis programma www.workrave.org. Ik krijg pauzes gewoon voorgeschoteld in de frequentie en tijdsduur die ik zelf heb ingesteld. Je kunt ook met een collega of huisgenoot afspraken maken over koffie en theepauzes. Wissel complexe denktaken eens af met simpele klusjes, je handen even gedachteloos laten gaan – zoals bij een afwas – werkt ontspannend voor lichaam en geest. De kenniseconomie draait om leren en creëren. Dat lukt beter als je ontspannen en fit bent.

Gebruik je hoofd, volg je hart. Zorg voor jezelf helpt uiteindelijk ook je baas en klant verder.

De dag dat ik mijn vulpen terugvond

Schrijven zijn we de afgelopen decennia steeds meer gaan doen op de computer. Het vrolijke getik van hamertjes op papier maakte plaats voor ingetogen typen op steeds plattere toetsenborden en voor duimen op smartphones. Maar is het ook altijd de beste oplossing?

Afgelopen week was ik niet tevreden over mijn schrijfprestaties. Mijn typen leek mij weg te leiden van mijn creatieve gedachten. Ik vroeg mij af: Hoe kom ik tot beter resultaat? Ik besloot eens wat anders te gaan proberen en vond twee uitgedroogde vulpennen terug achter in een la.

De vulpennen maakte ik schoon. De ene vulde mijn man met zijn inkt, de andere deed het weer met een teruggevonden inktpatroon. Ik kocht een schrijfblok en schreef de hele ochtend door, zo’n twintig pagina’s achter elkaar. De gedachten in mijn hoofd volgden elkaar soepel op en de woorden vloeiden op mijn papier. Wat een genot! Een kleine tafel had ik voor het raam gezet in het licht; ik kijk regelmatig op en naar buiten, naar het groen, de schoolkinderen.

Wat werkt nu eigenlijk beter voor mij, vraag ik me af: Typen op een modern toetsenbord. Of ben ik soms productiever met een vulpen? Voor mij is het duidelijk. De vulpen blijft prominent op mijn bureau. Ik gebruik nu beide op de meest voor mij effectieve manier. Ik pak de vulpen als ik wil schrijven en intensief denken tegelijk. Achter mijn beeldscherm werk ik de tekst vervolgens uit.

Hetzelfde soort van tegenstrijdigheid of verwarring zie ik ook bij invoering van Het Nieuwe Werken. Velen nemen aan, dat mensen vanzelf productief zijn als ze de beschikking hebben over de nieuwste spullen. Bijvoorbeeld een goede flexplek, of de nieuwste smartphone, of de lichtste tablet of de meest veelzijdige computer. Maar is dat wel zo?

Tips. Wees productiever door na te denken over de essentie van je taak. Wat wil je eigenlijk bereiken? Zoek vervolgens het beste gereedschap om die ene taak beter te doen. Neem de tijd om wat te experimenteren. Gebruik je tool vervolgens met aandacht voor het beste resultaat.

Terug naar mijn vulpen, die mij helpt in mijn creatieve schrijfproces. Ik denk terug aan mijn opleiding en ervaring als industrieel ontwerper. Ook ontwerpers grijpen nog steeds – vooral in het begin van een project – graag naar potlood en papier. De PC met de mooiste visualisaties komt er pas later aan te pas. In de NRC las ik vorige week een bericht van een onderzoek; studenten die schreven tijdens colleges hadden ruim twee keer zoveel onthouden als de studenten die de colleges intypten op hun laptop. Tja. Mijn droom: een tablet, zo dun en ruw als papier. Daar kan ik dan lekker op schrijven met mijn vulpen. Vervolgens zou ik de analoge tekst dan automatisch laten digitaliseren en versturen naar mijn computer.

Waar is jouw vulpen? Gebruik je hem? Ik ben benieuwd naar je ervaringen!

Communiceren of je concentreren

Intensiever werk kan extremer vormen aannemen. Dat merkte ik al in 1998 bij een project voor een ministerie. Beleidsmedewerkers wisselden intensieve communicatie af met toegewijde concentratie. Deze vormen van werken wilden zij goed en snel kunnen afwisselen. Hoe staat het hiermee anno 2014? En hoe ga jij om met concentratie en communicatie in het werk?

De ideale werkstijl van de beleid medewerkers van destijds zag er ongeveer als volgt uit. Zij beschikten over een eigen kamer, die zij helemaal inrichten naar eigen wens. Persoonlijke elementen hingen aan de muur voor een huiskamergevoel. Zij hadden aandacht voor een prettige, rustige en opgeruimde aanblik. Enkelen hadden een speciale plek ingericht om te mediteren. Na de concentratie in de eigen kamer wilden zij het liefst – nadat zij hun deur uitstapten – gelijk de minister tegen het lijf kunnen lopen voor overleg en uitwisseling en toetsing van hun ideeën.

Anno 2014 is er natuurlijk wel wat veranderd: internet en Social media zijn onderdeel geworden van normaal werk. Zo kun je communiceren in stilte – zonder anderen in je omgeving te storen; bijvoorbeeld even chatten met je collega’s en vrienden. Bij geconcentreerd werk – zoals het ontwikkelen van plannen en rapportages – heb je bronnen bij de hand voor het vinden van allerlei informatie en het kunnen verifiëren van eigen ideeën. Daarnaast ontdekken kenniswerkers, die samenwerken in een team, dat samenwerken in dezelfde ruimte ook helpt voor de creativiteit en ontwikkeling van ideeën.

Voor mij betekent het afwisselen van communiceren en concentreren vaak ook een verandering van focus. Bij communiceren richt ik me op de ander en zaken buiten mijzelf. Als ik me concentreer verschuift mijn aandacht vaak ook naar ‘mijn eigen ding doen’ en mezelf. Ik probeer die twee bewegingen dagelijkse op een natuurlijke manier af te wisselen voor een prettige balans; ’s morgen doe ik graag mijn belangrijke klussen en in de middag trek ik er vaker op uit.

Zelf beschik ik voor geconcentreerd werk over een comfortabele thuiswerkplek. Communicatie – besprekingen, bijeenkomsten en ontmoetingen – vinden vaak plaats op fietsafstand in de stad Utrecht. Een aantal locaties hebben mijn voorkeur en daarnaast kies ik voor de afwisseling regelmatig een plek, die ik nog niet ken. Waar mogelijk kies ik een locatie, die leuk is voor degene die ik ontmoet of die functioneel of bijzonder is. Thuis kan ik mijn spullen lekker laten liggen en tussendoor ben ik er regelmatig even uit. Nu denk je misschien: zo kan ik niet werken in een baan met flexplekken.

Tips. Ga eens bij jezelf na wat er nog meer mogelijk is. Vraag jezelf af hoe je je concentreert. Waar doe je dat? Wanneer? Lukt het om je goed te focussen op je werk? Kom je tot resultaat? Heb je voldoende rust? Vervolgens kijk je naar je manier van communiceren. Hoe doe je dat? Kom je tot de uitwisseling die je wilt? Is de omgeving ondersteunend en inspirerend? Vaak blijkt, dat het beter kan. Op kantoor is meer mogelijk dan je denkt. Ontdek die cocon voor rustig telefoneren of die overlegplek, die alleen tijdens de lunch bezet is. Thuiswerken of een derde werkplek kunnen een optie zijn. Stap uit je comfortzone en probeer iets nieuws!

Anno 2014 is de hoeveelheid te verwerken informatie en communicatie zo groot, dat als tegenhanger ook de behoefte aan stilte, rust en zelfreflectie toeneemt. Mensen kunnen beter omgaan met vrijheid in het werk, als ze zichzelf kennen en proactief invulling kunnen geven aan hun eigen behoeften met passende werkvormen.

In de uitvoering van taken ontstaan nieuwe bijzondere werkstijlen. Daarmee stijgt ook de behoefte aan een diversiteit aan oplossingen, die zulk werk goed ondersteunen. Alleen met flexplekken kom je er niet meer. Verbaas je en geniet van het ontdekken van ongebruikte mogelijkheden en de verrassingen die slimmer communiceren en je concentreren in het werk kunnen bieden.

Je werk ontwerpen

Ontwerpen kan iedereen. Als kind waren we creatief en gingen op avontuur. Al kruipend ontdekten we de wereld om ons heen. Spelenderwijs leren was en is nog steeds effectief en leuk. Als volwassene zijn we gestopt ons te verwonderen. Maar het mag weer. Ga ook je werk ontwerpen voor meer plezier en prestaties! Lees verder hoe.

Vraagstukken in organisaties – zoals werkdruk, RSI en burn-out – worden complexer. Om die op te lossen is vaker maatwerk nodig. Door mensen te leren hoe zij zelf actief en gestructureerd kunnen ontwerpen, kunnen werkgever en werknemer samen werkoplossingen creëren op (eigen) menselijke maat. Zo komt er weer structuur in het werk en meer rust op de werkvloer. Zo krijgen werkgevers niet alleen productieve, maar ook autonome en betrokken werknemers. Efficiency kan zo samengaan met effectiviteit.

Voor mij is ‘je werk ontwerpen’ dagelijkse realiteit. Ik ga actief en bewust om met het ordenen en inrichten van mijn werk. Als ergonoom ben ik bekend met mijn menselijke beperkingen. Daarom gebruik ik slimme tools die overbelasting bij langdurig beeldschermwerk voorkomen. Ik zoek manieren om niet alles op de computer te hoeven doen. Ik doe regelmatig oefeningen en ga handig om met pauzes en afwisseling in taken. Ook werk ik samen met collega’s voor feedback en ter aanvulling.

Bij bedrijven verbaas ik me over de eenvormigheid van oplossingen. Bijna iedereen maakt gebruik van hetzelfde type flexibele werkplek, krijgt hetzelfde vitaliteitsprogramma aangeboden en werkt met dezelfde apparatuur. Voor het gebruik – wat je er precies mee kunt en aan hebt – is veel minder aandacht.

Werkgevers en werknemers zijn allebei druk met eigen uitdagingen en problemen. Veel werkgevers bezuinigen, onder meer op kantoorfaciliteiten. Werknemers zijn minder op kantoor en hun werkstijlen worden diverser. De uitdagingen worden groter, maar het onderlinge contact lijkt juist te verminderen. Dat klinkt niet als een gezonde en effectieve samenwerking. Waar is de inspiratie?

Mijn suggestie: ga je werk ontwerpen. Ga weer met elkaar in gesprek over het dagelijkse werk. Hoe doe jij het? Kan het ook anders? Wees creatief, probeer eens wat anders. Zo wordt werk weer leuk en inspirerend. Je gaat slimmer werken op eigen menselijke maat en dat levert ook nog eens tijd, geld en energie op.

Denk onder de kerstboom nog eens aan je werk, maar dan met de ogen van jezelf als kind. Wat doe je de hele dag? Waarom? Hoe? Wil je feedback? Mail dan uw taken naar mail@workstyles.nl. Deze input is tevens welkom voor columns in 2014 over het (her-)ontwerpen van dagelijkse werkzaamheden.